Het kerkje

‘Alles wat adem heeft, love den Heer’ staat in gotische letters geschreven op de oude orgelkast. Wanneer je het kerkje betreedt, wordt je getroffen door de eeuwenoude stilte van deze plek.

Voordeur

 

‘Anno 1694’ staat er boven de ingang buiten. Enkele zwarte hardstenen grafdekplaten in de vloer geven evenwel een vroegere datum aan: stille getuigen van de laat-middeleeuwse kerk die eerder op deze plek stond. Naast de kerk ligt een sober schelpenkerkhof, een van de weinigen die Nederland rijk is.
De toren

 

 

Het kerkje vormt het middelpunt van Oosterleek. Al zeven eeuwen ligt daar, halverwege Hoorn en Enkhuizen, het stille dorp aan de oever van wat eens de Zuiderzee was. Hoewel verscholen tussen het groen van vele bomen, laat Oosterleek zich makkelijk vinden. Het markante vuurtorentje, het Leker Licht of ook wel kortweg ’t Vuurtje genoemd, geeft de plek van verre aan en ook de vergulde zeemeerman met drietand, de kroon op de torenspits van de zeventiende-eeuwse dorpskerk, wijst u de weg.

Kerkhof

 

 

Oosterleek beleefde zijn bloeitijd in de eerste helft van de Gouden Eeuw. Vijfhonderd zielen telde de gemeenschap toen, vijfmaal zoveel als nu. Landbouw, zeevaart en visserij waren de bronnen van bestaan. Tegenwoordig kent Oosterleek 104 inwoners. En net als in de tijd voor 1972, toen er hier nog gekerkt werd, vormt deze kerk nog steeds het centrum van deze kleine gemeenschap.